Wild en gevogelte
Kip met citroen (Kotópoulo lemonáto)
Ingrediënten:
1 kip van ongeveer 1250-1500 gram (schoongemaakt en in vieren gesneden)
½ kop boter
sap van 1½ middelgrote citroen
½ kop warm water
2 theelepels zout
¼ theelepel peper
Bereidingswijze:
Braad de kip in hete boter in een braadpan totdat hij aan alle kanten goudbruin is; doe hem daarna in een stoofschotel. Doe er gezeefd citroensap en water over. Bestrooi hem met zout en peper. Bak hem, met een deksel op de pan, gedurende 1 uur of totdat de kip gaar is. Bedruip hem om de 20 minuten. Leg de kip op een voorverwarmde schaal; giet er de saus over. Dien hem op met rijst. Goed voor 4 personen.
Gestoofde kip (Kotópoulo kapamá)
Ingrediënten:
1 kip van ongeveer 2 kilo (schoongemaakt)
½ kop boter
1 middelgrote, fijngehakte ui
500 gram rijpe, geschilde en gehakte tomaten
½ kop witte wijn
2 theelepels zout
½ theelepel peper
Bereidingswijze:
Snijd de kip in 4 stukken en bak ze lichtbruin in de boter. Doe ze daarna in een stoofpan. Laat de ui in dezelfde boter zacht en lichtbruin worden. Voeg de tomaten, de wijn, het zout en de peper toe. Breng de saus aan de kook en giet over de kip. Doe er een deksel op en laat alles samen op laag vuur koken totdat de kip gaar is en de saus dik is. Dien op met patates frites, met macaroni of met rijst. Goed voor 4 personen.




