Tocht over het eiland




Het eiland heeft een duidelijke verdeling in zuid en noord. Een tocht over het eiland laat zien dat beide delen interessant zijn. Het ruige zuiden en het groene noorden hebben beide hun eigen bekoring. 

 Het ruige zuiden
Vanuit Skyros-stad in zuidelijke richting volgt als eerste het dorp Aspóus. De weg voert langs de gehele westkust en doorkruist een aantal dorpen. Als eerste komt men in het sfeervolle Linariá, de officiële haven van het eiland. De aankomst van de dagelijkse boot uit Kími op Èvia, wordt sinds jaar en dag, iedere keer weer, vergezeld door klassieke muziek. Deze schalt over de baai vanuit een taverne tegen de bergwand en geeft hiermee de bezoekers een gevoelige welkomstserenade. Vanuit de haven is het tevens mogelijk met een excursieboot de grotten aan de westkust en de onbewoonde eilanden Despòtis en Sarakíno te bezoeken.
Vlakbij Linariá ligt de baai van Acheróunes, waar de veertig inwoners hun dagelijkse leven leiden en de wereld aan hen voorbij laten gaan. De beide tavernes op het strand bieden dagelijks de lekkerste gerechten aan, die onder het genot van het uitzicht over de zee, een extra dimensie aan een verblijf aan deze baai geven.
Verder naar het noorden is een afslag naar de schilderachtige baai van Péfkos. Omringd door vele pijnbomen is dit fijngrindstrand een geliefde plek bij de lokale bevolking.

 Skyriaanse pony's
Vanuit Aspóus leidt de route naar het uiterste zuiden via Kalamítsa. In dit uitgestrekte kustdorp laten enkele tavernes in het hoogseizoen hun kookkunsten zien. Na Kalamítsa houdt de bewoonde wereld op en komt men in het ruige, onbewoonde zuiden van Skyros. De enige ‘bewoners' zijn de vele geiten en de beroemde Skyriaanse dwergpaarden. Dit zijn een soort pony's die de nakomelingen zijn van een oeroud ras. In het verleden werden deze paarden eenmaal per jaar door de bevolking gevangen. Boeren gebruikten hen voor het werk op het land, om ze daarna weer voor de rest van het jaar vrij te laten leven. Ooit waren er op het eiland meer dan tweeduizend van deze pony's. Vandaag de dag lopen nog slechts een kleine honderdvijftig op de zuidelijke vlaktes en zijn een bezienswaardigheid. De pony's worden nu door de plaatselijke bevolking, de gemeente en de staat beschermd.



 Delftsblauw
De weg, met prachtig uitzicht over de zee en de voor de kust liggende eilanden, gaat verder naar een van de meest aantrekkelijke gebieden van het eiland, Tris Bóukes. De baai wordt hier afgesloten door een aantal kleine eilanden. In vroeger tijden lagen hier piratenschepen die zich bezig hielden met het plunderen van voorbij varende schepen. De lokale bevolking voorzag de piraten van voedsel in ruil voor gestolen buit. Vandaar dat op Skyros soms onverklaarbare voorwerpen te zien zijn zoals Chinees porselein en Delftsblauw aardewerk.
Ter hoogte van Tris Bóukes bevindt zich ook het graf van de Britse dichter Rupert Brooke. Tijdens de Eerste Wereldoorlog lagen bij deze bocht de schepen van de geallieerden. Op één van deze schepen kwam de dichter om het leven in 1915. Het opschrift van zijn graf vermeldt dat hij is overleden gedurende de strijd tegen de Turken tijdens de bevrijding van Griekenland. Hij werd door Churchill als held geëerd en nog steeds door vele Grieken als bevrijder gezien. Andere historici beweren echter dat hij is overleden aan een insectenbeet.
Vanaf Tris Bóukes voert de weg nog een stuk in oostelijke richting. Terug zal dezelfde weg weer genomen moeten worden, aangezien zich in dit gebied enkele militaire terreinen bevinden die verboden zijn voor bezoekers.

 Het groene, weelderige noorden
Vanuit Skyros-stad gaat de weg in noordelijke richting naar Katóunes. De wegen voeren voortdurend door weelderig begroeide gebieden met een keur aan bloemen, planten en bomen. In Katóunes bevinden zich enkele resten van ruïnes en een kleine kerk ter ere van Ágios Geórgios. Iets voorbij Katóunes gaat een onverharde weg naar de archeologische opgravingen van Palamári. In 1981 begon men hier met de opgravingen die een belangrijke vesting blootlegden uit de kopertijd. Deze vesting had alle typische kenmerken van de huizen uit die tijd, zoals bijvoorbeeld de schoorsteen die zowel diende als rookkanaal, als voor verlichting. Veel voorwerpen en werktuigen werden hier gevonden, zoals molenstenen en beschilderde klossen. Deze laatste wijzen er op dat toentertijd de weefkunst op Skyros ook al een grote rol speelde. De meeste vondsten uit dit gebied zijn tegenwoordig ondergebracht in het Archeologisch Museum in Skyros-stad.

       

 De route vervolgt in westelijke richting en komt bij de afslag naar het prachtige strand van Ágios Pètros. De onverharde, maar goed berijdbare weg, leidt dwars door de bossen, naar een mooi zandstrand in het uiterste noorden van het eiland. Na de afslag Ágios Pètros gaat de weg nog een klein stukje verder en het asfalt eindigt bij de schilderachtige baai van Atsítsa. Een mooi moment om uit te rusten in de enige taverne die deze baai rijk is. Vanaf Atsítsa gaan er verschillende onverharde wegen de bergen en bossen in. De meestal goed te berijden weg gaat naar het zuidelijker gelegen strand van Ágios Fokás. Van daaruit leidt een wat hobbelig pad naar de verharde weg richting de fraaie baai van Péfkos.
Voor avonturiers bestaat er een andere mogelijkheid om het eiland te verkennen. Deze bestaat uit het nemen van de ruige, deels onverharde weg die vanuit Atsítsa dwars het eiland oversteekt naar het oosten. Bij het nemen van deze route is het wel opletten, want in dit bosrijke gebied zijn meerdere weggetjes, terwijl er geen bewegwijzering is. In dit gebied zijn de schilderachtige kerken en kapellen rijkelijk bezaaid, zoals bijvoorbeeld de kerken van Ágios Nikòlaos, Ágios Mirónas en Ágios Spirídon. Uiteindelijk komt men uit aan de westkant van Skyros-stad. De route beloont de doorzetter met een prachtig uitzicht over de witte huisjes die tegen de rots lijken aan te kleven.
Terug naar het begin van de pagina