Ross Holidays
Meer over Klantenservice

Vakantiegeld wordt besteed aan vakanties!

Het salarisstrookje van mei ligt bijna in de bus, het vakantiegeld wordt weer gestort. Twee van de vijf consumenten (42%) gaan het extraatje daadwerkelijk uitgeven aan vakantie, zo blijkt uit de ING Vraag van Vandaag van de afgelopen week onder gemiddeld 62.800 respondenten per dag. Dat is meer dan vorig jaar. Sparen of schulden aflossen komt juist minder voor. De toegenomen bereidheid om het vakantiegeld te laten rollen is een teken
van vertrouwen.

Liefst hele bedrag in één keer

In de maand mei krijgen werknemers en uitkeringsgerechtigden traditioneel vakantiegeld uitgekeerd. De hoogte van het vakantiegeld is 8% van het bruto jaarloon en daarmee ruwweg een maandsalaris. De meeste mensen ontvangen dit bedrag in één keer in mei. Werknemers en werkgevers zouden ook kunnen afspreken om het maandsalaris met 8% te verhogen. Dan kunnen werknemers het geld zelf sparen, of het geld eerder aanspreken als ze dat willen. Die vrijheid blijkt echter geen populaire optie. Een overgrote meerderheid (85%) van de ondervraagden ontvangt het liefst het hele bedrag in één keer. Slechts 7% ontvangt het vakantiegeld liever in twaalf maandelijkse porties. Dat consumenten niet zo snel mogelijk willen beschikken over hun geld lijkt economisch gezien niet logisch. Normaliter is keuzevrijheid waardevol en het eerder beschikken over (een deel van) je vakantiegeld levert ook nog een rentevoordeel op. Dat consumenten toch kiezen voor het gehele bedrag in één keer heeft te maken met zelfbescherming. Uit de gedragseconomie blijkt dat consumenten soms methoden zoeken om hun discipline te vergroten. Als je in de tussentijd niet aan het geld kunt komen, dan kun je ook niet in de verleiding komen het eerder dan gepland te besteden.

Met het vakantiegeld op vakantie

Ruim twee op de vijf respondenten (41,9%) zeggen het vakantiegeld daadwerkelijk te gaan besteden aan de vakantie. Dat is duidelijk meer dan vorig jaar. In mei 2013 had 36,0% het plan om het vakantiegeld daadwerkelijk aan vakantie te besteden. Meer dan één op de vijf (22,1%) besteedt het vakantiegeld aan andere zaken, bijvoorbeeld aan een nieuwe bank of –nu het WK voor de deur staat – een nieuwe televisie.
In totaal kiezen dus bijna twee van de drie (64,0%) respondenten ervoor het vakantiegeld uit te geven. Dat is 4% meer dan in 2013.

Minder sparen en schulden aflossen

Niet alle respondenten kiezen ervoor het eenmalige
extraatje te besteden. Meer dan één op de drie (36,0%) zet het geld op de spaarrekening, gaat ermee beleggen of lost schulden af . Dit is een afname ten opzichte van vorig jaar. In mei 2013 gaf 40,2% van de respondenten aan te sparen, te beleggen of schulden te gaan aflossen met het vakantiegeld.

Kleine impuls voor de economie

Als een groter deel van de Nederlandse consumenten het vakantiegeld besluit te besteden, kan deze toename de Nederlandse economie een kleine impuls geven. Dit jaar wordt naar schatting 20 tot 25 miljard euro aan vakantiegeld uitgekeerd. Wanneer hiervan inderdaad 4% meer wordt uitgegeven dan vorig jaar, dan zou dat een extra impuls van ongeveer 800 miljoen euro voor de economie betekenen. Dat stelt overigens minder voor dan het lijkt. Ter vergelijking: we kopen per dag gezamenlijk voor 800 miljoen euro aan goederen en diensten. En belangrijker nog: een deel van het vakantiegeld zal niet in ons eigen land worden uitgegeven, maar op de vakantiebestemming.

Teken van vertrouwen

De toegenomen bereidheid het vakantiegeld uit te geven is een teken van vertrouwen. Het consumentenvertrouwen is het afgelopen jaar sterk gegroeid en voor de koopkracht zijn de vooruitzichten gunstiger dan de afgelopen jaren. Ook het vertrouwen in de arbeidsmarkt groeit langzaam maar gestaag. Uit de ING Vraag van Vandaag blijkt dat weliswaar twee van de vijf (39,7%) consumenten de arbeidsmarkt hebben zien verslechteren, een jaar geleden waren dit er nog meer dan vier van de vijf (81,4%). Tegelijkertijd zijn steeds meer mensen optimistisch: 15,9% nu tegen 4,6% vorig jaar. Mensen die minder angst hebben voor baanverlies, zullen makkelijker hun vakantiegeld laten rollen. Voor minder pessimisme zijn zeker redenen. Het economisch herstel is ingezet en de vooruitzichten zijn een stuk positiever dan een aantal maanden geleden. Maar de terugkeer van economische groei betekent niet onmiddellijk extra banen. Pas als de groei doorzet, zullen bedrijven weer extra mensen in dienst willen nemen. Aan het begin van het herstel vangen ze de extra vraag vaak op met tijdelijk personeel. Uit recente cijfers van de Algemene Bond Uitzendondernemingen (ABU) blijkt dat het aantal uitzenduren 4% hoger ligt dan een jaar eerder. In de technische sector werkten uitzendkrachten zelfs 8% meer uren dan een jaar eerder. Dat is een hoopvol signaal voor de arbeidsmarkt.

 

ING Weekoverzicht Vraag van Vandaag Economisch Bureau
Bron: ING www.ING.nl