Griekse Fauna

Tussen de weelderige natuur van Griekenland is ook de fauna ruim vertegenwoordigd. Reptielen, insecten, vogels en op sommige plaatsen wilde geiten, paarden en knaagdieren.

Sommige laten zich regelmatig zien, maar naar andere moet men echt op zoek. Onderstaand verhaal ontvingen wij van een liefhebber. Meneer Jansen ging speciaal voor Afrikaanse kameleons naar het Zuid Westen van de Peloponnesos en schreef:

“De kameleon is een apart verhaal. Mogelijk hebben de Romeinen vroeger kameleons uit Noord-Afrika meegenomen naar Gialova op de Peloponnesos om deze als huisdier te houden. Enkele zijn mogelijk ontsnapt of losgelaten en hebben zo deze populatie in Gialova gevormd, de enige in heel Europa. Het zijn er slechts ca.350. Pas in de jaren 80 werd ontdekt door een Duits onderzoeker dat dit geen gewone kameleon is (die o.a. voorkomt op Sanmos) maar de Afrikaanse. Over de Kwak het volgende; wij gingen in mei naar Gialova. Wij waren 2 jaar geleden al eens een dagje in Gialova geweest omdat ik er achter was gekomen dat hier een prachtig natuurgebied ligt, een wetland waar ook de Afrikaanse kameleon leeft.

Wij zijn toen vanuit Stoupa met de auto erheen gereden maar daar te zijn aangekomen regende het pijpenstelen. Weinig dieren dus, behalve enkele boomkikkers die aan het rusten waren op duinstruiken. Ook de Europese moerasschildpad vonden we in betonnen kanaaltjes en enkele Griekse landschildpadden tussen de begroeiing. En dan te bedenken dat ze dit gebied ooit hebben willen droogleggen om het te ontwikkelen. Gelukkig is dit niet doorgegaan (vergelijkbaar met onze Oostvaardersplassen) en is het nu een beschermd natuurgebied, een zogeheten Natura 2000 gebied, een netwerk van Europese natuurgebieden.

De meeste dieren vind je niet bij volle zon. Reptielen, koudbloedige dieren die opwarmen in de zon en zo een ideale lichaamstemperatuur van tussen de 27 en 32 graden realiseren, raken oververhit bij te veel zon. Bewolkt weer en een beetje zon is het perfecte weer voor het vinden van reptielen.

Maar het regende dus die dag en ook ging het omweren, voor ons het startsein om om te keren. En zo ging ik toch wel iets teleurgesteld weer de auto in richting Stoupa, dik drie uur rijden.

Ik had mij voorgenomen ooit terug te keren naar Gialova en zo gingen we dus in mei 2 weken heen. Voor vogels kijken misschien niet de beste tijd, deze ligt tussen oktober en april wanneer veel trekvogels het brakke meer gebruiken om bij te tanken op hun trek van het zuiden naar het noorden of andersom. In deze tijd zijn er dan ook veel flamingo’s te zien. Omdat onze dochter regelmatig dacht dat half zes in de ochtend wel een mooie tijd was om op te staan, was dat voor mij het startsein om naar het gebied te gaan.

Op slechts tien minuten fietsen was ik er en waren er behalve de rust en prachtige wateren, ook mooie vogels te zien. Naast de algemene Grote Zilverreiger en de zeer schuwe en zeldzame Purperreiger zag ik op een gegeven moment drie vogels uit het riet opvliegen (het was toen rond half zeven) en gingen deze drie vogels in een struik zitten, ik dacht eerst aan Woudaapjes (ook een reigersoort) of een Kwak, maar na een check in de vogelkijkhut (hier hing een overzicht van alle vogels die er voor komen met plaatjes) bleken het Ralreigers te zijn, voor mij een nieuwe soort en nieuwe natuurervaring, wat een beleving toen ik zo stil in het riet lag om de vogels te bespioneren.

De ralreiger is een kleine reiger die vooral in de vlucht opvalt door de witte vleugels. In de winter verschijnen donkere lengtestrepen op de rug en de flanken. Ook is ‘s winters de snavelbasis geel van kleur, in plaats van het donkergrijs van de zomer.

Amfibieën maar ook vissen en grote insecten worden door de ralreiger gegeten. De vogel jaagt vanaf een beschutte plek in dichte begroeiing van moerasplanten of riet. De vogel broedt in kleine kolonies samen met verschillende andere soorten reigers en bouwt een nest van takken in een lage boom of struik. In de winter trekken veel ralreigers weg naar tropisch Afrika.

Die zelfde dag ook nog een kameleon tussen de struikjes gevonden en zo kon ik opgewekt weer naar huis. Later toen ik met onze buurvrouw het hele meer ben rondgefietst nog een mooie groep Moerasorchissen gevonden en zo weer een ervaring voor het leven rijker. Met de herinneringen in mijn hoofd en de foto’s op mijn pc kan ik weer een paar maanden op kantoor zitten.”

Foto’s: Ralreigers op de Peloponnesos, gefotografeerd door Martin Jansen.

keyboard_arrow_leftkeyboard_arrow_right

Deel met vrienden of reisgenoten

Deel met vrienden of reisgenoten