Waarom toch altijd Griekenland

“Waarom gaan jouw ouders toch altijd naar Griekenland?” Die vraag stelde een goede vriend mij zo’n 25 jaar geleden. Ik reageerde iets defensief, want natuurlijk gingen ze niet altíjd naar Griekenland. Ze hadden zowat de hele wereld gezien. Maar ondertussen gingen ze wel váák naar Griekenland. Waarom eigenlijk? Mijn moeders antwoord was simpel: “We weten daar wat we hebben.”

Deze zomer waren we als gezin – manlief, dochterlief, kandidaat-schoonzoon en ik – op Pilion. De tweede keer dat we in deze samenstelling samen op vakantie zijn en, net als de vorige keer, in Griekenland. Als gezin tikken we inmiddels zo ongeveer onze tiende Griekenlandvakantie aan. Verbazingwekkend snel zitten we weer in het ritme. Na de eerste bak koffie zwem ik “mijn” rondje in zee. Het ochtendzonnetje geeft een fijne schittering over het kalme water. Vanaf deze thuisbasis van Poseidon kijk ik naar de bergen achter de charmante huisjes langs de kust. Groene bomen bedekken de hellingen. Ik tik de tiende boei aan en zwem terug. Terugslenterend naar ons prachtige appartement in Kala Nera, tussen de olijfbomen, zie ik twee schildpadden in de bosjes vooruit schuifelen. In de verte kraait een haan. De dag start.

Bij het ontbijt stemmen we de planning af. Wordt het een bergdorp, een klooster, een mooie andere kustlijn, grotten? We hebben veel op het lijstje en de huurauto wordt goed gebruikt. Op sommige dagen doorbreken we het ritme en staan we op met maar één doel: versla de toeristenbussen. Zo bezochten we op eerdere vakanties in alle vroegte Meteora, Olympia, Athene en nog meer. Deze keer was het Delphi dat ons avondmensen om 05.30 uur in de auto liet stappen. Onderweg een broodje bij een fourno, die gelukkig al vanaf 6.00 uur open is, en natuurlijk een freddo cappuccino erbij… Het is immers vroeg en wij zijn geen ochtendmensen.

Omdat we al veel oudheden hadden bezocht, dachten we te weten waar we voor kwamen. Eenmaal in Delphi zelf bleek het een stuk indrukwekkender dan verwacht. Niet alleen omdat je rondloopt op een plek waar geschiedenis, mythologie, religie, politiek én natuur in elkaar overlopen. Het is meer dan een verzameling ruïnes; de ligging tegen de hellingen van de Parnassus maakt minstens zoveel indruk als de gebouwen zelf. Niet gek dat de oude Grieken dit beschouwden als het middelpunt van de wereld. En omdat we die dag een van de eersten waren, was het nog zo rustig dat je de geschiedenis bijna in de lucht kon voelen hangen. We hadden weinig woorden nodig, maar de camera des te meer. Eenmaal terug waren we toe aan een verfrissende duik; de temperatuur was inmiddels flink opgelopen. Dat we bij dit appartement een privézwembad hadden, was een fijne luxe. Bijna vanuit de auto meteen door om een bommetje te maken.

’s Avonds zitten we aan het water. Hebben we te veel gegeten? Zeker! Maar spijt hebben we niet, het was weer heerlijk. De katten die zich naast de stoel van kandidaat-schoonzoon hebben verzameld, komen ook niets tekort. We verzinnen wat bijnamen voor ze. Ergens tijdens het natafelen gaat kandidaat-schoonzoon “even naar het toilet”. Niet lang genoeg om argwaan te wekken, zo blijkt achteraf. Hij heeft een complot gesloten met onze ober, een ontzettend gastvrije Griek met zo’n prachtige snor die je tegenwoordig veel te weinig ziet. De beste man heeft zich uiterst tactisch opgesteld, zodat wij vooral níét kunnen zien wat er gebeurt. Pas als we willen afrekenen, ontdekken we dat kandidaat-schoonzoon ons voor is geweest. De ober kijkt erbij alsof hij van niets weet. Zijn snor verraadt hem ook niet.

Diezelfde ober brengt nog een tsipouro van het huis. En we willen de beste man natuurlijk niet beledigen, dus: γεια μας! άσπρο πάτο. Het gesprek bij het natafelen gaat van de belevenissen van de dag naar de wereldproblematiek, die we in theorie ook nog even oplossen. En tja, of het dat extra tsipourootje was of niet… we worden ook wat emotioneel. Wat hebben we het hier fijn met elkaar. Gearmd lopen we terug naar het appartement.

“Waarom gaan jullie toch zo vaak naar Griekenland?”
Omdat we weten wat we daar hebben.

Het is een soort thuiskomen in de gastvrijheid van een ander. Het is de plek waar we elkaar vinden zonder al te veel woorden nodig te hebben, waar we verleden, heden en toekomst aan elkaar verbinden.
Het is het middelpunt van de wereld, die we verder óók ontdekken.

En dat wisten mijn ouders 25 jaar geleden al.




2026, Pilion
Familie van den Berg-Janssen 

Heeft u ook zo genoten van dit bijzondere reisverhaal? Lees ook de andere reisverhalen.
Wilt u zelf ook meedoen met de reisverhalen wedstrijd? Stuur dan nu uw bijzondere reisverhaal in en wie weet wint u wel een prijs!

keyboard_arrow_leftkeyboard_arrow_right

Deel met vrienden of reisgenoten

Deel met vrienden of reisgenoten