Agios Konstantinos

Wij meenden er goed aan te doen een plaats te selecteren die nog niet is ontdekt door de grote reisorganisaties. Een plaats voor iedereen die ongestoord in de ongerepte natuur wil wandelen en kennis wil maken met de oorspronkelijke Griekse leefwijze. Aan de noordkant van het eiland ligt het dorp Ágios Konstantínos. Het ligt op het mooiste, meest groene en schilderachtige gedeelte van Samos.

Het smalle, uitgerekte dorp is gebouwd tussen de kustweg en de zee. Vlak langs de zee vindt u de oude huizen, de knusse kruidenierswinkels en de gezellige tavernes. Zij zijn allemaal in originele stijl gebouwd. De stoelen en de tafels mogen dan wiebelig zijn, het Griekse eten is er overheerlijk. U kent die mooie reclamefoto's van Griekenland met vissersboten en drogende netten op de kade wel. Hier overtreft de werkelijkheid de meest kunstzinnige foto's. Dit is een ideale plek voor een vakantie tussen en met de Grieken. Aan de rand van het dorp is een klein keienstrand voor een snelle duik. Naar het dichtstbijzijnde strand is het een kleine tien minuten lopen. Vanuit Ágios Konstantínos is er een goede busverbinding met Kokkári en Samos-stad. Deze bus stopt ook bij de bekende stranden Tsabóu, Tsamadóu en Lemonákia. Op 35 minuten loopafstand is het intieme strandje van Svála.
Voor meer informatie en foto's van Ágios Konstantínos, klik hier.

Het gebied achter Ágios Konstantínos
Voor de wandelliefhebber is het hier een paradijs. Vanuit Ágios Konstantínos loopt men zo het rijk begroeide achterland in. De bekende Nachtegaalvallei grenst als het ware aan het dorp. Wandelschoenen aan, rugzak om en wandelen maar.

Grenzend aan Ágios Konstantínos ligt Platanákia. Dit is een prachtige, rustige plek vol platanen. Een kleine weg splitst zich van de kustweg af, u passeert een diep ravijn met platanen, laurierbomen, mirtebosjes en een snelstromende beek. Dit ravijn wordt Aidónia ofwel Nachtegaalvallei genoemd, omdat in de lente en zomer voor zonsopgang de nachtegaal te horen is, die hier nestelt. Er is een taverne, die naar deze kloof genoemd is en waar op zaterdag, bij voldoende belangstelling, live muziek wordt gespeeld. Een kilometer
voorbij Platanákia ligt aan de rechterkant Valeontátes, een verlaten dorp. Het volgende dorp Manolátes ligt zes kilometer verder. De weg naar het dorp loopt parallel aan een kloof. Hier kunt u genieten van het groen dat karakteristiek is voor het eiland. Als u door Manolátes naar boven loopt, staat u op een gegeven moment bij een splitsing voor een klein wit huis met mintgroene kozijnen en trapleuning. Als u hier rechts gaat en direct daarna weer rechts komt u op een wandelpad dat u langs wijngaarden voert. Als u de gemarkeerde route volgt, komt u bij het volgende karakteristieke bergdorp Stavrinídes. Onderweg heeft u weer prachtige uitzichten op Ano en Káto Ágios Konstantínos en ziet u achter u Manolátes liggen. Vanaf Stavrinídes kunt u via de weg naar beneden lopen. Onderweg doet u dan het vierde dorpje, Ámbelos, aan.




