Lesbos, een eiland van uitersten

Zo groot als Lesbos is, zo gevarieerd is het ook. Van uitgestrekte olijfboomgaarden tot ruig begroeide berghellingen, van kalme binnenwateren tot de open zee, van lieflijke dorpen tot mondaine stad. Lesbos heeft het allemaal.
Lesbos behoort tot de oostelijke Egeïsche Eilanden en vormt met enkele kleinere eilanden in de omgeving een eigen departement. Het is na Kreta en Evia, het derde grootste eiland van Griekenland. De totale oppervlakte bedraagt 1.630 km². Het eiland is grillig van vorm en kent twee grote binnenzeeën. De toegangen van beide baaien tot de zee zijn zo nauw dat het haast meren lijken te zijn. De grootste bevindt zich aan de zuidwestkant van het eiland en is bekend onder de naam Baai van Kaloní met in de kop van de baai het gelijknamige dorp. Het zeegebied van deze baai is zeer rijk aan diverse soorten vis. In het bijzonder de sardine is een veelgevangen lekkernij en vooral Skala Kaloní is hierom vermaard. De smalle doorgang van het water is een oversteekplaats voor vele vogels. Er zijn in deze baai maar liefst 252
verschillende soorten vogels geteld, waaronder purperreigers, witte ooievaars en roze flamingo's. De kleinere baai bevindt zich in het zuiden van het eiland. Dit is de Baai van Géra. Ook deze baai kent een fraaie flora en fauna. Tevens bevindt zich aan de oostkust van de baai een van de vele warmwaterbronnen van Lesbos. Het water komt uit de diepte van de aarde hier aan de oppervlakte. Op een diepte van 2500 meter ontspringt het en kent een voortdurende stroming. Het water heeft een constante temperatuur van 39,5 ºC, is helder van kleur, reukloos en bevat hoge concentraties van geneeskrachtige mineralen. Ook op andere plaatsen op het eiland komen deze bronnen aan de oppervlakte. Al deze bronnen kennen hun eigen karakteristieken met betrekking tot samenstelling en temperatuur.

Het eiland is relatief laag maar kent wel een glooiend oppervlak. Het telt drie toppen die geen van allen de 1000 meter overschrijden. Het westelijk deel is vulkanisch en daardoor kaal en kent weinig begroeiing. Het overige deel van het eiland daarentegen is rijkelijk bedekt met kastanjebomen, dennenbossen en uitgestrekte vlaktes met olijfbomen. Tevens zijn er vele vruchtbare vlaktes waar druivenplanten geteeld worden en groenten. Lesbos kent een zeer zacht klimaat waardoor er een uitgebreide flora is. De bevolking leeft voornamelijk van de olijventeelt. Verder van veeteelt en visvangst. Een belangrijke bron van inkomsten vormt de productie van ouzo, die van oudsher zijn oorsprong op Lesbos heeft.

Het eiland Lesbos is het thuiseiland van verschillende Griekse bekendheden. Zo is het het geboorte-eiland van de dichteres Sappho. Er wordt aangenomen dat zij rond 630 v.Chr. geboren is. Later, ergens omstreeks 560-570 v.Chr., tijdens haar zwerftochten vond zij de dood door zich van een rots te storten op Lefkas. Deze dichteres waagde het als eerste in de geschiedenis zich te uiten over de vrouwenliefde. Ook andere bekendheden zouden hun wieg op Lesbos hebben gehad. Zo was er Terpandros (700 v.Chr.) die de uitvinder van de Lyrische dichtkunst is, en Pittacos (omstreeks 648 v.Chr.) die bekend staat als een der Zeven Wijzen uit de Oudheid. Wellicht dat daarom Lesbos nog steeds een bekend toevluchtsoord is voor vele dichters, schrijvers en kunstenaars.






